Jeugd & Gezin

 

Niet-westerse migrantenouders doen veel minder beroep op (preventieve) opvoedondersteuning, terwijl deze groep juist vaker het gevoel heeft de opvoeding niet aan te kunnen en het ouderschap moeilijker vindt dan gedacht. Eén op de vijf ouders met een niet-westerse achtergrond maakt zich dan ook vaker zorgen over het stellen van regels en grenzen in de opvoeding, over ongehoorzaamheid en gedragsproblemen van hun kind, tegenover één op tien autochtone ouders.

Ook vluchtelingenouders in Nederland hebben te maken met meerdere culturen, zijn onbekend met de opvoedpraktijken in Nederland en komen vaak uit landen waar met een groot deel van de familie werd opgevoed. Dit maakt dat vluchtelingenouders de opvoeding in Nederland als zwaar kunnen ervaren. Daarbij kost de verwerking van eventuele schokkende ervaringen uit eigen land en onderweg tijdens de vlucht veel energie. De inburgering in een onbekend land, met een onbekende taal en cultuur en de soms nog onzekere uitslag van de asielprocedure kunnen leiden tot stress.

 

Bij gezinshereniging speelt daarnaast nog dat de gezinsdynamiek vaak veranderd is door de lange tijd dat gezinsleden gescheiden van elkaar geleefd hebben. Dit kan na de hereniging leiden tot extra moeilijkheden in de opvoeding. Voor amv’s kan het lastig zijn dat de ouders ineens weer aanwezig zijn, terwijl zij lange tijd voor zichzelf hebben moeten zorgen en zelf al bekend zijn geraakt met de Nederlandse samenle­ving.

 

Over het algemeen lijkt de ondersteuning vanuit reguliere programma’s vaak onvoldoende aan te sluiten bij de belevingswereld, het taalgebruik, de vaardigheden en de kennis van deze gezinnen. Hierdoor hebben deze gezinnen minder profijt van het (preventieve) opvoedondersteuningsaanbod, wat wellicht mede veroorzaakt dat zij vaker terecht komen in zwaardere zorg. Het is dan ook belangrijk deze gezinnen in een eerder stadium te bereiken en preventief te ondersteunen om de kans te verkleinen dat er opschaling nodig is.

 

Inara weet door (laagdrempelige) opvoedondersteuning ook de gezinnen met een migratie- of vluchtelingenachtergrond goed te bereiken en haar hulpaanbod/programma’s goed af te stemmen op de leefsituatie van niet-westerse migranten.